1971: Fragment Foucault

In het werk van het Franse collectief ACHAC, zijn invloeden herkenbaar van de Franse filosoof Michel Foucault (1926-1984). Een directe referentie aan zijn werk namen de vijf redacteuren van ACHAC op in hun bundel ‘Human zoos.’ Hier stellen zij dat Europa een traditie kent in het tentoonstellen van mensen. Sinds de zestiende eeuw vormde het bekijken van mensen die fysiek of mentaal duidelijk anders waren een onderdeel van de populaire cultuur. De auteurs wijzen hierbij kort op Foucaults ‘grote opsluiting’ vanaf halverwege de zeventiende eeuw: het afzonderen van armen, zieken, prostituees en bedelaars in instellingen waar zij gedisciplineerd werden. Nu het ‘abnormale’ werd verdrongen naar de marge van de samenleving, ontstond er een grotere behoefte om het afwijkende zichtbaar te maken en te ervaren; reden dat de mensententoonstellingen tot bloei konden komen.1

Lees “1971: Fragment Foucault” verder

Frans onderzoek: zoo humain

Het Franse collectief Association pour la Connaissance de l’Histoire de l’Afrique Contemporaine (ACHAC) entameerde in 2011 een publiek debat over het tentoonstellen van mensen met de expositie Exhibitions. L’invention du sauvage in het Musée du Quai Branly. Behorend bij de tentoonstelling werd een catalogus uitgebracht, die de sinds 2002 verschenen wetenschappelijke publicaties aanvulde. In alle uitingen, ook die voor een breed publiek, brengt ACHAC de stelling naar voren dat de archetypes die werden geconstrueerd in de zoos humains voortleven in een collectief onderbewustzijn. De historici rekenen het tot hun maatschappelijke taak erop te wijzen hoe ideeën en constructies over ras en het niet-westen nog altijd van kracht zijn in het hedendaags denken. De documentaire is gemaakt door twee historici van ACHAC, Pascal Blanchard en Éric Deroo .


Duits onderzoek 2014: From Samoa with love?

Tentoonstelling From Samoa with love? Museum Fünf kontinente, januari – november 2014.

Hilke Thode-Arora geldt sinds haar eerste onderzoek in 1989 als een van de prominente onderzoekers naar Duitse völkerschauen.  In 2015 sprak zij op een congres over haar project ‘From Samoa with Love?, een audioweergave hiervan is te beluisteren via Youtube.1

‘Ethnic shows are a very complex phenomenon with a wide continuum from forced to voluntary recruitment by the impresario to professional showmanship and assertiveness on the the side of the performers, from Western fantasie to non-European agency and influence on what was presented to the audiences.’

Het vertrekpunt van Thode-Arora was een verzameling voorwerpen uit Samoa, beheerd door het Fünf Kontinente Museum in München. Deze voorwerpen waren meegebracht uit Samoa, door een groep die deelnam aan de völkerschauen die waren georganiseerd door de gebroeders Fritz en Carl Marquardt.2 Als eerste stap traceerde Thode-Arora Samoaanse objecten die waren geschonken door de Marquardts aan andere Europese musea.

Vervolgens verrichtte zij intensief archiefonderzoek. In Duitse archieven verzamelde ze honderden krantenberichten, correspondentie, affiches en foto’s. Daarna verbreedde ze het terrein naar archieven Samoa en Nieuw-Zeeland waar ze bronnen raadpleegde over het kolonisatieproces van de Saomaanse eilanden.3

De vierde stap had voor antropoloog Thode-Arora de grootste betekenis: het zoeken van nazaten van deelnemers aan de völkerschauen om  het Samoaans perspectief te reconstrueren. Thode-Arora kreeg op Samoa inzage in de brieven die deelnemers aan de völkerschauen naar hun familie stuurden. Oral history bleek daarnaast van groot belang:

‘While in a European setting it would have been a futile attempt to gather information more than 100 years after the events, among Samoans oral traditions about their forefathers are still very important today. This turned out to be a valid research method which led to a number of genealogical and oral history narratives.’

Onder de deelnemers aan de völkerschauen van Marquardt bevonden zich prominente Samaoaanse families. Het was voor hen vanzelfsprekend tijdens hun tournee Duitse hoogwaardigheidsbekleders te ontmoeten. Zo spraken zij met keizer Wilhelm II en wisselden geschenken met hem uit. In het boek en de tentoonstelling die voortkwamen uit het onderzoek van Thode-Arora, hechtten de nakomelingen van de Samoaanse chiefs die betrokken waren bij de völkerschauen  aan:

‘[…] the acknowledgement and commemoration of their forefathers – not as helpless victims in a colonial power setting of injustice, but rather as dignified, strategically acting persons of high rank.’