1860 ‘Chin-Fou-Goung’

Aantal personen: 2
In Nederland:  mei – september 1860

In 1976 nam Marja Keyser een aantal voorbeelden op van niet-westerse mensen die op de kermis te bekijken waren in haar boek Komt dat zien! Keyser noemde onder meer het voorbeeld van een Chinese broer en zus,  aangekondigd als Chin-Fou-Gong en voor het gemak prins Paul en prinses Pauline genoemd.1

Het is niet bekend of de ‘prins en prinses’daadwerkelijk afkomstig waren uit China, bezoekers konden Frans of Engels met hen spreken. Keyser noemde als jaar van optreden 1859, maar in Delpher zijn advertenties te vinden uit het jaar 1860.


Delpher Kranten – Leydse courant 23-07-1860

Uit de aankondigingen blijkt  dat de broer en zus te zien waren  in de Koninklijke Schouwburg van Den Haag, waar ze een rol speelden in het ‘tooverkluchtspel’ De nalatenschap van doctor Faust. Het optreden werd bijgewoond door Hare Majesteit de Koningin, 2 waarna ‘de prinsen van Oranje en Hendrik schriftelijke bewijzen gaven van hunne hooge tevredenheid over hunne voorstellingen’. 3 Het tweetal deed Leiden, Utrecht en Rotterdam aan voor zij neerstreken in de hoofdstad.  ‘Het is een schouwspel van verrassenden aard, wanneer zij, gezeten in hun Miniatuur-Hofrijtuig […] zich vertoonen aan de blikken van de nieuwsgierige menigte en uit hunne Koets stappen […]’, aldus een advertentie in het Algemeen Handelsblad.

Affiche (1857) Bibliothèque nationale de France.


Een affiche uit de collectie van de  Bibliothèque Nationale de France uit 1857 heeft naar alle waarschijnlijk de broer en zus als onderwerp die ook in Nederland te zien waren. Ze worden aangekondigd als de ‘Chinese prinses en prins’ en zitten achterin de koets. Hij in zwarte kledij, zij in het rood met een witte waaier in haar handen. De vier paarden die de koets trekken reiken niet hoger dan het middel van de toekijkende, Europese, man. Andere verhoudingen zijn gebruikt in een afbeelding in het bezit van het Stadsarchief Rotterdam, waar de ‘prins en prinses’ op de voorgrond staan en achter hen de deur van een koets geduldig wordt opengehouden.

Le prince et la princesse Ching-Fou-Goung descendant de leur equipage, Stadsarchief Rotterdam. 4080_XXXIV-28-00-02 .

1845 Azil

Aantal personen: 1
In Nederland: juni 1845, Leiden.
Impresario: Paganini

Sedert lang bezig zijnde met Europa te doorreizen, heeft zij al de hoofdsteden bezocht, en op deze langen togt heeft al het woeste van haar karakter plaats gemaakt voor zachtere zeden’, aldus de Leydse Courant in een aankondiging. 1 Reeds achttien jaar trok Azil door Europa toen zij op de Kermis in Leiden te zien was. Er zijn geen documenten waarin zij stem geeft aan haar biografie, haar emoties of ervaringen. Verspreid in Europese bibliotheken zijn wel programmaboekjes bewaard gebleven die waarschijnlijk te koop waren tijdens haar optredens en tekst van een toneelstuk uit 1830  waarin zij zichzelf speelde. 
De Italiaanse historica Francesca Bertino wist acht edities van het programmaboekje te achterhalen en gebruikte deze om de komst van Azil naar Europa en de gelegenheden waar zij geëxposeerd werd in kaart te brengen. De feiten die hier worden gegeven zijn afkomstig van impresario ‘Signor Paganini’.2

Advertentie Leydse Courant (13 juni 1845).

Volgens Paganini zou Azil geboren zijn op Groenland. Haar ouders zouden tijdens de zeehondenjacht schipbreuk hebben geleden aan de kunst van Canada, alwaar ze gevangen werden genomen door de ‘Osage’ – de Franse benaming van Ni-u-kon-ska, een  autochtoon Noord-Amerikaans volk. De ouders werden om het leven gebracht en Azil, een baby nog, werd ondergebracht bij een Osage-gezin aan de oevers van de Missouri. In het relaas van Paganini zou de pelshandelaar Captain Hunt getroffen zijn door de aanblik van het meisje en haar in zijn gezin hebben opgenomen. Zo groeide Azil op in Louisiana, waar ze werd gedoopt en Frans leerde. 3 Bertino wijst op hetgeen ontbreekt in het pamflet van impresario Paganini: hoogstwaarschijnlijk verwierf hij het eigendom over Azil op basis van een zakelijke transactie, maar hij wijdde geen woord aan de verkoopsom of een contract. Bertino toont op basis van verschillende uitgaves van het pamflet dat de tekst werd herschreven om de vrije wil van de jonge vrouw sterker te benadrukken. 4

Paganini toonde Azil eerst in Frankrijk. Vervolgens zou ze voorgesteld worden aan Noord-Italiaanse vorstenhuizen en de belangrijkste steden van het Habsburgse Rijk aandoen, waaronder Weren. In 1830 ging in Venetië een theaterstuk in première over haar levensverhaal, zoals verteld door Paganini,  Le avventure di Azil giovane esquimese del Groenland (de avonturen van Azil, een jonge Eskimovrouw uit Groenland). Het is niet met zekerheid te zeggen hoe vaak het theaterstuk werd opgevoerd, wel is uit de verspreiding van de tekst op te maken dat Azil te zien was in Wenen (1834), Boedapest (1836), Cremona (1840), Turijn (1841) en Graz (1843). Haar aanwezigheid in Leiden is in dit licht interessant, omdat er uit blijkt dat zij langer door Europa reisde dan tot nog toe bekend was.

1825 Krenak

Aantal personen: 2
In Nederland: juli 1825, Rotterdam.

Op de Rotterdamse kermis waren in 1825 een man en een vrouw te zien die zouden behoren tot de inheemse bevolkingsgroepen Puri en Krenak. Ze waren te bezichtigen in een tent bij de Franse kerk op de Hoogstraat. Hoe lang de man en vrouw in de stad verbleven is niet te herleiden, wel meldt de advertentie dat het verblijf verlengd werd ter gelegenheid van de verjaardag van koning Willem I (1772-1843).

Uit een vertaald verslag van de Journal de Bruxelles blijkt dat voor hun komst naar Rotterdam de twee Brazilianen de Zuidelijke Nederlanden aandeden. ‘Vele aanzienlijke leden hebben hun reeds een bezoek gegeven, en men kan de vriendelijkheid niet genoeg prijzen van hem, die belast is nopens de nieuwe souvereinen de verlangde inlichtingen te geven’,  schreef de Journal, wat doet vermoeden dat een impresario de optredens begeleidde.1 ‘De bijzondere vorming harer onderlip’, waarmee de advertentie in de Rotterdamsche Courant mee besluit, verwijst naar het gebruik platen aan de te brengen om de onderlip op te rekken.  De Krenak werden dan ook ‘Botocudo’ genoemd,  afgeleid van het Portugese woord botoque, plug.