Du Maroni à la ville lumière

Aux Pays-Bas, l’exhibition humaine lors de l’Exposition coloniale et commerciale internationale (1883) est relativement bien connue. L’exhibition des « Surinamais » dans un chapiteau de cirque lors de l’exposition universelle d’Amsterdam, a été en partie inspirée par la présentation réussie de « Galibi » de Guyane française un an plus tôt, au Jardin d’Acclimatation à Paris. Dix ans plus tard, en 1892, un groupe de plus de trente Kalina était de nouveau exhibé ici. La mémoire de cette exhibition humaine est maintenue vivante dans la communauté de Kalina en Guyane française.

Dans « Zoos humains. Au temps des exhibitions humaines » (2004), l’auteur Gérard Collomb traite des exhibitions de Kalina de 1882 et 1892. Cependant, il se concentre principalement sur la dimension éthique de l’utilisation des portraits anthropométriques réalisés lors d’exhibitions humaines. 1

Wijngaarde (2000), Bloembergen (2001), Schuurmans (2013) et De Vos (2018) ont rédigé des analyses approfondies de l’exhibition humaine à Amsterdam.2 Les travaux de ces auteurs montrent que les Surinamais ont été mis en scène comme « primitifs », justifiant à la fois l’expansion coloniale néerlandaise et la mission civilisatrice .

Dans trois articles de blog, je suis le travail de Wijngaarde, Schuurmans et De Vos et j’essaie de le compléter avec des articles de la presse écrite. Les citations montrent comment la hiérarchie raciale s’est exprimée. Le libellé de l’époque est répréhensible aujourd’hui; les fragments ici servent d’illustration du monde de la pensée d’où proviennent les exhibitions humaines.

1907-1922 Four Black diamonds

Links: Affiche Adolph Friedländer (1909), Circuscollectie Allard Pierson Museum, inv.nr. TEY0010002879.
Rechts: Foto, gepubliceerd in Bühne und Sport 6/14 (1906), achterhaald door onderzoeker Rainer Lotz.

Over deze groep is weinig informatie te vinden. Onderzoeker Rainer Lotz is gespecialiseerd in Afro-Amerikaanse artiesten die aan het begin van de twintigste eeuw in Europa optraden. Hij stelt dat de ‘Four Black Diamonds’ afkomstig waren uit San Fansisco en rond 1905 naar Europa kwamen – het is niet duidelijk of dan wel wanneer zij terugkeerden naar de Verenigde Staten. Evenmin is met zekerheid vast te stellen welke artiesten deel uitmaakten van de groep, van hun persoonlijke levensloop is dan ook niets bekend. Op basis van advertenties en recensies concludeerde Lotz dat de groep groot succes had met liederen die waren gebaseerd op folklore uit de Alpen, die zij ten gehore brachten in zogeheten ‘lederhosen’.
Lotz wist te achterhalen dat de groep in 1909, 1912 optrad in het Scala theater in Den Haag en in 1919 Amsterdam aandeed. 1
Uit Delpher blijkt dat zij vaker in Nederland hebben opgetreden. Het volgende lijstje geeft data weer waarop in een advertentie de ‘4 Black diamonds’ werden aangekondigd.

AdvertentieLocatieStad
18-05-1907CircusgebouwRotterdam
6-11-1909ScalaDen Haag
17-04-1912ScalaDen Haag
16-01-1914Variété FloraAmsterdam
17-10-1919ScalaDen Haag
31-10-1919CasinoRotterdam
22-11-1919Centraal TheaterAmsterdam
12-12-1919EdenAmsterdam
24-02-1920TivoliUtrecht
15-03-1920EdenAmsterdam
03-06-1922De UrquellDen Haag
Foto, Nordische Kunstanstalt Enst Schmidt&co, Lübeck (1900). Collectie Stadtmuseum Berlin, inv.nr. SM 2014-2618.

Lotz schrijft dat de groep gedurende de Eerste Wereldoorlog de optredens voortzette in het Verenigd Koninkrijk en rond 1922 uit elkaar ging, een datum die overeenkomt met hun laatste optreden in Nederland.

1894-1901 Brooks & Duncan

Adolph Friedländer, Affiche Brooks and Duncan (1873), Circuscollectie Allard Pierson Museum, inv.nr. TEY10002750

De collectie van het Circumuseum omvat een affiche van het Afro-Amerikaanse duo Billy Brooks en George Duncan. De twee Amerikanen zouden tot in de jaren 1920 in Europa actief zijn geweest. Voor hun komst naar Europa waren zij in de Verenigde Staten onderdeel van een blackface gezelschap.1 Na de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865) vormden minstrel shows voor Afro-Amerikanen vrijwel de enige manier om door te breken in de show business. Aanvankelijk konden
zij echter weinig anders dan aan de verwachting van het publiek voldoen en de stereotypes uitbeelden die de kern vormden van de minstrel shows. 2 Wellicht om die reden lijken de getekende scènes op dit affiche van Friedländer uit 1873, sterk op die op het affiche van het duo Forrester en Harding.
Via diverse zoekmachines zijn optredens van Brooks en Duncan te achterhalen. Samen met een derde artiest, Sibbs, traden zij in 1885 op in het Parijs theater Folies Bergère; hetzelfde jaar werd het casino van Reims aangedaan. In de advertenties werden zij aangekondigd als ‘nègres burlesques’. 3

Imp Léon Brière, Affiche ‘Three jolly coons’, Médiathèque de Chaumont A4263.

Uit advertenties in Delpher blijkt dat Brooks en Duncan bijna een decennium later in Nederland optraden, in de jaren 1894-1896, 1899 en 1901. In de Nederlandse advertenties wordt het duo aangekondigd als ‘Neger excentrics’ (1894 en 1899), ‘American Excentrics’ (1895) en ‘Neger pantomime’ (1899). 4

W Hendl, affiche voor Brooks en Duncan voor optredens in Wenen, enkele scènes komen overeen met die op het affiche van Friedländer. Médiathèque de Chaumont , A1053.

2018 De reis van Syntax Bosselman

Schrijver Arend van Dam bracht in 2018 ‘De reis van Syntax Bosselman’ uit. Het boek ontving de Thea Beckmanprijs (2018) en werd genomineerd voor de Woutertje Pieterse prijs (2019). Van Dam koppelt de mensvertoning van Surinamers op de Internationale Koloniale en Handelstentoonstelling (1883) te Amsterdam aan het Nederlands slavernijverleden. De kinderboekenschrijver sluit niet uit dat hij dit verleden onvoldoende recht heeft gedaan beschouwt zijn boek als een ‘werk in uitvoering’. In onderstaand filmpje, opgenomen in het Stadsarchief Amsterdam, geeft hij aan een geheel nieuw hoofdstuk te hebben geschreven voor een volgende druk van het boek.

Bedoeïenen aan de Weesperzijde

In augustus 2018 vond ik in de Beeldbank van het Stadsarchief Amsterdam foto’s van het verblijf van de zogeheten ‘Beduinen Karawane’ (‘Caravane Égyptienne’) aan de Weesperzijde te Amsterdam. Het maandblad Ons Amsterdam plaatste in het maartnummer van 2019 mijn bijdrage over deze völkerschau van de impresario’s Willy Möller en Ernst Pinkert. Veel dank aan de gehele redactie, in het bijzonder eindredacteur dhr. Arie Vestering.

Ons Amsterdam, maart 2019. Op het portretaffiche is
hoogstwaarschijnlijk sjeik Tarif-Salah afgebeeld.

1868 Risley’s Japansch Gezelschap

Delpher Kranten – Algemeen Handelsblad 05-03-1868

‘Professor Risley’ is een belangwekkende figuur in de circusgeschiedenis. Richard Risley Carlisle was een Amerikaanse acrobaat, die ook in Europa optrad. In Delpher zijn advertenties uit 1844 te vinden van een optreden van ‘Professor Risley en zijn zonen’. Met de tournee die hij in 1857 in Australië begon, zou hij geschiedenis schrijven.

Risley zou jarenlang in Azië verblijven. In Delpher zijn advertenties te vinden waaruit blijkt dat Risley in oktober 1861 en juli 1862 ‘atletische voorstellingen’ gaf in toenmalige Nederlands-Indië. De eerste zin van de advertenties luidt dan ook: ‘Met toestemming van den resident van Batavia’.

Delpher Kranten – Java-bode : nieuws, handels- en advertentieblad voor Nederlandsch-Indie 30-11-1861

Tegen oktober 1863 bereikte Risley de havenstad Shanghai, met een gezelschap dat uit twaalf mensen bestond. Het gezelschap werd ondergebracht in het kwartier voor buitenlanders, maar door de strenge winter werden circusartiesten ernstig ziek – anderen besloten Risley vaarwel te zeggen. In maart 1864 kwam Risley in Japan aan. Niet alleen bracht hij westerse circuselementen naar Japan, omgekeerd kon hij traditionele entertainers aan het werk zien: Japanse evenwichtskunstenaars, jongleerders, acrobaten en goochelaars trokken naar Yokohama om hun kunsten te vertonen.
In 1866 trok de Japanse overheid het edict in dat de eigen burgers verbood om het land te verlaten. Hierop stelde Risley een gezelschap samen, de Imperial Japanese Troupe, waarmee hij het westers publiek wilde veroveren. De groep trad in 1867 op in San Fransisco en tot juli in New York. Ze zetten hun reis voort richting de wereldtentoonstelling in Parijs. 1

De Nederlandse advertenties vermeldden de optredens van de groep in het Cirque Napoleon tijden de wereldtentoonstelling. Eind februari begonnen de voorstellingen in Rotterdam. De lange advertentie in de Nieuwe Rotterdamsche Courant benadrukte eerst de grote hoeveelheden bezoekers die het gezelschap over de hele wereld trok. Een letteraffiche uit de collectie van het Stadsarchief Rotterdam vermeldt het hele programma:

GAR01:1868-03-26 (Letteraffiche), Letteraffiches van de Grote Schouwburg te Rotterdam 1791-1887, Gemeentearchief Rotterdam

Vanaf begin april 1868 was het circus van ‘Professor Risley’ in Groot-Brittannië te zien. De advertentie uit het Algemeen Handelsblad eerder dat jaar en het affiche voor de Britse optredens bevatten dezelfde elementen:

Collectie British Museum, Evan.489